Dit is het achtste en afsluitende deel van een serie longreads gewijd aan het Rapport Wennink (2025). Waar de voorgaande zeven artikelen een kritische analyse boden—variërend van historische vergelijkingen en theoretische kaders tot technocratische aannames, leiderschap, economische timing, inhoudelijke blinde vlekken en randvoorwaarden—kiest dit artikel een ander perspectief. Het doel is om te waarderen wat Wennink wél scherp heeft gezien. Want na een uitvoerige kritiek is het essentieel om te erkennen dat Wennink’s diagnose in de kern vaak correct is. Het zijn veeleer de aangedragen oplossingen die tekortschieten in diepgang en effectiviteit.
Na Kritiek, Waardering
Na zeven kritische beschouwingen over het Rapport Wennink is het tijd voor een andere benadering. Niet omdat onze fundamentele bezwaren zijn weggenomen, maar omdat een evenwichtig oordeel vraagt om erkenning van de merites. Kritiek zonder waardering is destructief; waardering zonder kritiek is naïef. Dit artikel poogt beide te verenigen: erkenning voor de scherpe observaties, naast de reeds geuite kritiek op de voorgestelde remedies.
Peter Wennink stelt zelf in zijn rapport: “Dit plan had er natuurlijk al lang moeten liggen. Iedereen zag dat, overheden en bedrijven. Maar er gebeurde niks.” Dit is een pijnlijke waarheid. Dit artikel erkent dat Wennink dit cruciale inzicht heeft. Hij doorziet de Nederlandse stagnatie, de noodzaak voor verandering en de urgentie om niet langer te wachten. Dit is geen triviale constatering, maar een fundamenteel inzicht dat waardering verdient.
De voorgaande artikelen in deze serie focusten op de tekortkomingen in Wennink’s analyse: het gebrek aan aandacht voor ondernemerschap en de menselijke factor, de overwegend technocratische denkwijze, het gebrek aan moed, de misrekening van de timing ten aanzien van nieuwe economische realiteiten, en de daaruit voortvloeiende blinde vlekken. Ook de randvoorwaarden werden onvoldoende geadresseerd. Hoewel deze kritiekpunten valide zijn, mogen ze het zicht niet ontnemen op wat Wennink wél correct identificeert. Hij benoemt haarscherp de reële problemen en knelpunten die de Nederlandse economie en samenleving blokkeren en onderstreept de urgentie die terecht is. Dit artikel erkent die scherpe diagnose, maar concludeert tegelijkertijd dat de aangedragen oplossingen onvoldoende doordacht en inadequaat zijn.
Tien Punten Waarin Wennink Gelijk Heeft
Laat ik beginnen met tien fundamentele inzichten uit het rapport waar Wennink, wat mij betreft, de spijker op de kop slaat. Dit zijn geen marginale observaties, maar kernproblemen van Nederland anno 2025 die expliciete erkenning verdienen.
1. Regelgeving Blokkeert Innovatie
Wennink constateert terecht dat Nederland verstikt raakt in een web van regelgeving. Dit is geen subjectieve mening, maar een dagelijkse realiteit voor iedere ondernemer. Vergunningsprocedures slepen zich jaren voort, bezwaarprocedures zijn nagenoeg eindeloos en toezichthouders opereren vanuit een risicomijdende houding. Dit alles vormt een serieuze rem op innovatie en investeringen.
De praktijkvoorbeelden zijn legio: de bouw van een nieuwe fabriek, de realisatie van een datacentrum, of de aanleg van een windmolenpark worden stelselmatig vertraagd door bureaucratische hordes. Dit leidt niet alleen tot aanzienlijke extra kosten en risico’s, maar werkt bovenal ontmoedigend. Wennink’s erkenning van dit probleem is een belangrijk uitgangspunt.
2. Het Stikstofdossier Moet Worden Opgelost
Wennink identificeert het stikstofslot als een cruciale blokkade voor de Nederlandse economie. Sinds 2019 worden talloze bedrijven in hun expansie belemmerd, niet door een gebrek aan kapitaal of kennis, maar door rigide regelgeving. De Omgevingswet functioneert in dit opzicht niet en vereist een urgente reparatie.
De oplossingen zijn in principe voorhanden: bedrijven kunnen uitwijken, emissies reduceren door innovatie, of compensatiemechanismen toepassen. Deze opties zijn tot in detail uitgewerkt, maar de huidige wetgeving is te inflexibel om ze effectief te benutten. Wennink’s benadrukking van dit punt is volkomen terecht.
3. Energiekosten zijn te Hoog
Een andere correcte observatie is dat de energieprijzen in Nederland significant hoger liggen dan in buurlanden, en al helemaal in vergelijking met de VS of China. Dit ondermijnt de concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven en blokkeert strategische investeringen, zoals op de Chemelot-campus. Een bedrijf in Duitsland of België betaalt substantieel minder voor elektriciteit en gas, waardoor de Nederlandse industrie op achterstand wordt gezet.
Dit is niet louter een economisch, maar vooral een strategisch knelpunt. Hoge energiekosten leiden tot desinvesteringen en de verplaatsing van bedrijfsactiviteiten naar het buitenland, een trend die in 2024 en 2025 duidelijk zichtbaar was. Het is een positief punt dat Wennink dit probleem erkent.
4. De Productiviteitsgroei is inderdaad te Laag
Wennink signaleert terecht de zorgwekkend lage productiviteitsgroei in Nederland. Met een jaarlijkse groei van slechts 0,6%, ver onder het historische gemiddelde van 1,8%, ontstaan er op de middellange en lange termijn aanzienlijke economische risico’s. Deze observatie is cruciaal voor het toekomstige verdienvermogen van Nederland.
5. Private Investeringen zijn/blijven Essentieel
Het rapport erkent dat duurzame economische groei primair gedragen moet worden door private investeringen. De overheid kan en moet faciliteren, maar kan niet de rol van de markt overnemen. Het zijn uiteindelijk private ondernemingen die moeten investeren, bij voorkeur in Nederland. Dit is een correct en fundamenteel economisch inzicht.
6. Kapitaal is Ruimschoots Beschikbaar
Wennink ziet correct dat het probleem niet een gebrek aan kapitaal is. Met 1.600 miljard euro in pensioenfondsen en 650 miljard euro aan spaargeld, naast de mogelijkheid om buitenlandse investeringen aan te trekken, is er geld in overvloed. Het kernprobleem is dat dit kapitaal niet wordt gemobiliseerd voor productieve investeringen in Nederland.
De oorzaak ligt in de hoge kosten, maar vooral in het gebrek aan vertrouwen in een stabiel en voorspelbaar overheidsbeleid op de lange termijn. Ondernemers zijn onzeker en weten niet waar ze aan toe zijn. Wennink duidt dit probleem correct.
7. Herstel van Vertrouwen is Noodzakelijk
Voortbouwend op het vorige punt, erkent Wennink dat het herstel van vertrouwen met de private sector een absolute voorwaarde is voor investeringen. Bedrijven zijn bereid te investeren als de randvoorwaarden gunstig zijn, maar vereisen bovenal vertrouwen: vertrouwen in beleidsstabiliteit, in de rechtszekerheid en in de bescherming van eigendomsrechten.
8. De Urgentie is Reëel
Met de woorden “Donkere wolken pakken zich samen boven de samenleving” onderstreept Wennink de urgentie van de situatie. Nederland staat voor immense uitdagingen: vergrijzing, de energietransitie en geopolitieke onzekerheid. Dit vraagt om onmiddellijke en doortastende actie. De erkenning van deze urgentie in het rapport is een belangrijk signaal.
9. Communicatie is Prikkelend en Effectief
Wennink toont zich een meester in communicatie. Zijn uitspraak “Wie technologisch niet meetelt, zit niet aan tafel – en wie niet aan tafel zit, staat op het menu” is een krachtige en mobiliserende boodschap die de essentie van de technologische wedloop treffend samenvat.
10. Plannen voor de Toekomst zijn Onontbeerlijk
Tot slot erkent Wennink de noodzaak voor een toekomstvisie en strategische planning. Nederland kan niet langer afwachten, maar moet keuzes maken, investeren en handelen. Of de voorgestelde plannen de juiste zijn, is een vraag die in eerdere artikelen kritisch is behandeld, maar de noodzaak van een planmatige aanpak staat buiten kijf.
De Bottlenecks zijn Reëel – Waarom Wennink Gelijk Heeft
Deze tien punten zijn geen abstracties, maar concrete bottlenecks die bedrijven dagelijks ervaren. De diagnose van Wennink is pijnlijk accuraat. De overmatige regelgeving, de strikte stikstofnormen en de hoge energieprijzen zijn geen internationale gemeenplaatsen, maar specifiek Nederlandse problemen die investeringen ontmoedigen en de concurrentiekracht uithollen. Wennink’s rapport legt hier terecht de vinger op de zere plek.
Toch is het hier waar de analyse van het rapport begint te wankelen. Wennink identificeert de juiste knelpunten, maar zijn voorgestelde oplossingen zijn onvoldoende. Hij ziet dat regelgeving blokkeert, maar pleit voor ‘versnelling’ in plaats van fundamentele sanering. Hij ziet dat kapitaal beschikbaar is, maar wil dit ‘sturen’ via nieuwe instituties in plaats van het vrij te laten voor ondernemende initiatieven. Hij ziet dat vertrouwen nodig is, maar stelt ‘plannen’ voor in plaats van het creëren van voorspelbaarheid. Dit is geen bevrijding, maar een voortzetting van ouderwetse, technocratische controle.
De Gemiste Kans – Waarom Wennink’s Remedie Faalt
Dit is het kernprobleem van het Rapport Wennink: een scherpe diagnose gevolgd door een inadequate remedie. Dit maakt het rapport niet zomaar een slecht rapport; het maakt het voor nu een gemiste kans. Wennink’s oplossing voor regelgeving is niet het afschaffen ervan, maar het ‘versnellen’ van procedures. Dit is een oppervlakkige maatregel die de fundamentele problematiek ongemoeid laat. Een radicale, en wellicht effectievere, aanpak zou het schrappen van overbodige regels en procedures inhouden.
Wennink durft deze stap echter niet te zetten. Zijn oplossing voor het mobiliseren van kapitaal is niet het vrijgeven ervan aan de markt, maar het ‘sturen’ via een Nationale Investeringsbank. Dit is geen vrijheid, maar controle. Een effectievere benadering zou zijn om bedrijven zelf te laten beslissen en het marktproces zijn werk te laten doen. Zijn antwoord op het gebrek aan vertrouwen is niet het creëren van voorspelbaarheid en beleidsstabiliteit, maar het ‘maken van plannen’ en het instellen van een ‘Commissaris voor Toekomstige Welvaart’. Dit is geen substituut voor het vertrouwen dat voortkomt uit een (in)stabiele en (on)betrouwbare overheid.
Epiloog – Waardering en Kritiek Verenigd
Dit artikel eindigt met een dubbele boodschap. Wennink’s diagnose verdient waardering. De knelpunten die hij identificeert—regelgeving, stikstof, energiekosten, productiviteit, de noodzaak voor private investeringen, de beschikbaarheid van kapitaal, het gebrek aan vertrouwen en de urgentie—zijn reëel en urgent.
Zijn remedie verdient echter scherpe kritiek. Meer instituties, meer planning en meer controle zijn niet het antwoord. De oplossing ligt in een radicaal andere richting: minder regelgeving, meer vrijheid en meer vertrouwen. Dat is wat de Nederlandse economie werkelijk nodig heeft.
Wennink zelf formuleert het treffend: “Bestuurders en toezichthouders moeten weer durven ondernemen, durven risico’s te nemen en durven maatschappelijke doelen snel en daadkrachtig na te streven.” Zijn eigen plan ondermijnt deze ambitie echter door meer bureaucratie, planning en controle te introduceren. Het is een teleurstellende conclusie van een rapport dat zoveel potentie had. Wennink had kunnen en moeten stellen: “Nederland heeft geen investeringsprobleem, maar een overheidsprobleem. Groei komt niet uit regie, maar uit vrijheid. Niet uit nieuwe instituties, maar uit het terugdringen van macht.”
Waarschijnlijk durfde hij dit niet aan en bleef hij steken in klassiek technocratisch denken. Toch verdient hij waardering voor het agenderen van de problemen. Zijn rapport wordt goed gelezen, en dat is al grote winst. Misschien, als we zijn diagnose serieus nemen maar zijn remedie verwerpen, kunnen we gezamenlijk tot een beter antwoord komen. Een antwoord dat niet gebaseerd is op planning, maar op bevrijding; niet op instituties, maar op vrijheid; niet op controle, maar op vertrouwen. Dat is de weg voorbij Wennink.
Conclusie: Goede Analyse, Inadequate Oplossingen
Het Rapport Wennink biedt een scherpe analyse van de blokkades in de Nederlandse economie. De diagnose van een verstikkende regelgeving, het stikstofprobleem, te dure energie, lage productiviteitsgroei en een gebrek aan vertrouwen is correct. De oplossingen die worden aangedragen, zijn echter onvoldoende doordacht en oppervlakkig. In plaats van fundamentele hervormingen stelt Wennink incrementele aanpassingen voor die de kern van het probleem niet raken. De oplossing ligt niet in meer sturing en controle, maar in het creëren van een ondernemingsklimaat gebaseerd op vrijheid, vertrouwen en voorspelbaarheid. Dit is de werkelijke uitdaging waar Nederland voor staat.
Referenties
[1] Wennink, P. (2025). De Route naar Toekomstige Welvaart: Rapport Wennink. Ministerie van Economische Zaken.
[2] De Heij, W. (2025). WENNINK 1-7: Een Serie Longreads over het Rapport Wennink. Food4Innovations.
[3] Stikstofinfo.net. Informatie over Stikstofbeleid in Nederland.
[4] Interviews met Peter Wennink (2025). NRC, Volkskrant, CHIP+, Nieuwspoort.
[5] Diverse analyses van het Rapport Wennink (2025). Academische en journalistieke media.