Column: 4 voorspellingen voor de voedselketen in het post-coronatijdperk (VMT 6 april)

We zitten nog middenin de coronacrisis, maar de invloed op de voedingsketen tekent zich al af. CEO van TOP bv en lid van het bestuur van GMV Wouter de Heij waagt zich aan 4 voorspellingen voor het post-coronatijdperk en een dringend advies aan de overheid.

Om maar te beginnen met het advies: “Ondersteun de machinebouw voor de foodindustrie. Deze sterk internationale sector is een vitale sector met 8000 medewerkers aan directe werkgelegenheid. Er is geen slachtlijn of zuivellijn die niet door Nederlandse bedrijven wordt ontwikkeld. Deze sector is samen met Italië de grootste ter wereld. Kijk het is sneu wat er nu in de horeca gebeurt, maar een restaurant of café is na de crisis redelijk makkelijk weer op te bouwen. Dat geldt niet voor een sector als de high-tech machinebouw, weg is weg.”

De Heij ziet dat vooral het internationale deel last heeft van de coronacrisis. Monteurs kunnen niet of zeer slecht reizen, de oplevering van machines (SAT) bij. Internationale klanten gaat nu bijna niet meer en miljoenenprojecten worden tot nader order uitgesteld. “Het high-tech mkb heeft er meteen last van, grotere bedrijven redden het nu nog wel voor even.”

De Heij adviseert de overheid ook om de miljarden die nu worden geïnvesteerd, vooral slim aan te wenden. “Ik ben geen fan van Trump, maar zijn voorstel om te investeren in infrastructuur of andere blijvende waarde voor de toekomst is een goede zet.”De CEO en innovatie-expert van Top bv waagt zich aan de volgende voorspellingen voor na de coronacrisis:

1. De diensteneconomie is passé, de maakindustrie gaat weer opkomen.

“5 tot 10 jaar geleden dachten we nog dat een diensteneconomie de beste weg was. Nu realiseren we ons meer dan ooit dat een reëel economie onmisbaar is. Gek dat mondkapjes uit China komen en beademingsapparatuur uit Amerika. Ik zeg al lang tegen het provinciebestuur dat het doel van innovatie een vitale economie is. We moeten zorgen dat er werkgelegenheid is en dat er voor de toekomst nieuwe werkgelegenheid wordt gevormd.” Ik pleit voor behoudt en opbouw van ouderwets (high-tech) maakindustrie in Nederland.

“Het is daarom ook belangrijk om bedrijven zoals productiebedrijven FrieslandCampina te koesteren. Die hebben nog grote fabrieken staan in Nederland die zorgen voor hoogwaardige arbeid die niet geautomatiseerd of makkelijk verplaatst kan worden naar een ander land.”

2. Virtueel werken zal flinke invloed hebben op de manier hoe we werken en waar bedrijven zich vestigen. Een hoofdkantoor is heel snel verplaatst.

“Soms is er een crisis nodig om een disruptie te veroorzaken. Het is al zeker 10 jaar mogelijk om op afstand te werken of om onderwijs te geven, maar het gebeurde niet. Nu hebben de meeste Nederlandse scholen binnen EEN week thuisonderwijs opgetuigd! Alle overleggen vinden nu digitaal plaats, ook het bedrijfsleven is binnen EEN week gewend aan werken op afstand. Omdat dit nu zo snel is doorgebroken kunnen bedrijven straks beslissen om hun hoofdkantoren daar te plaatsen waar ze door overheden in de watten worden gelegd. Ik zie dat als een risico voor onze samenleving, hoe krijgen we weer ‘maakindustrie’ en hoe behouden we op termijn onze dienstensector.”

Ook in het online bestellen van levensmiddelen is er een flinke push gekomen. Veel meer mensen gaan dit nog vaker in de toekomst doen. Deze crisis heeft daar voor een extra versnelling gezorgd. Niet alleen klassieke horeca maar ook onze gewone retail gaat dat straks voelen.”

3. Veerkracht wordt weer belangrijker dan efficiëntie

“Het is nu duidelijk dat de economie te kwetsbaar is gebleken door steeds maar meer met minder te willen doen. Ons streven naar efficiëntie en just-in-time en goedkoop, is doorgeslagen en daardoor zijn we kwetsbaar gebleken. Dat veerkracht zijn waarde heeft zijn we volkomen vergeten en dat is in de toekomst net zo belangrijk als efficiëntie.”

De Heij haalt het voorbeeld van farmaceut Roche aan. “Ik snap heel goed dat ze hun receptuur niet wilden vrijgeven. Het probleem zit bij de ziekenhuizen die zich te afhankelijk hebben gemaakt van 1 leverancier. Die heeft daardoor te veel macht, lijkt het. Maar de inkoper wilde ‘goedkoper’ en geen ‘veerkracht’. Alleen het ziekenhuis van Groningen had geen problemen met testen omdat daar een inkoper bepaalde dat ze niet afhankelijk wilde zijn van 1 leverancier.”

“Ook in de voedingsmiddelenindustrie komt dit voor. Door efficiëntie lees bezuinigingen weten inkoopafdelingen veel minder van de inhoud en kiezen uit gemakzucht voor maar een beperkt aantal suppliers. Ik krijg bijvoorbeeld de vraag van een inkoper: wat kost het om een sapfabriek te bouwen? Als ik dan doorvraag, blijkt hoe weinig ze weten. Door efficiëntie is er weinig inhoudelijke expertise om complexe problemen aan te pakken. Ik hoop dat dat ook gaat veranderen na de crisis.”

4. Overheden en bedrijven gaan meer voorraden aanleggen en meer lokaal produceren

“Bedrijven die nu voorraden hebben, zijn spekkoper geweest. Zes maanden geleden zouden deze bedrijven als loser worden bestempeld, want voorraden aanleggen kost toch geld weet elke CFO? Ik verwacht dat zowel overheden en bedrijven hierop zullen gaan terugkomen. Ook zal er meer maakindustrie binnen Europa moeten plaatsvinden. Dat de beademingsapparatuur van Philips mogelijk door de VS konden worden tegengehouden, zal niet meer acceptabel zijn. We moeten onze eigen productiesector weer gaan opbouwen. En bedrijven willen weer graag werken met bedrijven uit de regio, het hoeft niet meer altijd van verre toe komen”

De Heij verwacht dat er de komende twee jaar nog zeker 1 tot 3 besmettingsgolven zullen plaatsvinden. “In het post-coronatijdperk zullen mensen met een corona-paspoort moeten reizen. Om ergens binnen te komen, zal je moeten aantonen dat je gezond bent. Corona en andere virus-dreigingen zullen een grote invloed hebben voor het vervoer van mensen tussen landen en continenten in de toekomst.”

4 gedachten over “Column: 4 voorspellingen voor de voedselketen in het post-coronatijdperk (VMT 6 april)

Geef een reactie