Het ministerie van Landbouw: Van Innovatiekracht naar Visieloosheid – Tijd voor een Reset aldus Mark Soetman in Distrifood.

Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft door de jaren heen een indrukwekkende transformatie doorgemaakt, maar niet altijd ten goede. Duurzaamheidsexpert Mark Soetman beschrijft in een scherpe historische analyse hoe het ministerie haar kernfunctie – het ondersteunen van de landbouwsector – langzaam verloor door politieke keuzes en een gebrek aan lange termijn visie. Zijn analyse toont een zorgwekkend gebrek aan agrarische kennis en bestuurlijke daadkracht. Hoe heeft het zover kunnen komen, en wat is er nodig om het tij te keren?

Een sterke start, een langzaam verval

Het ministerie werd in 1905 opgericht als het ministerie van Landbouw, Handel en Nijverheid en speelde een sleutelrol in een tijd waarin voedselvoorziening nog allerminst vanzelfsprekend was. Na de hongerwinter van 1944-1945 kreeg voedselvoorziening een centrale plek in het beleid. Deze focus bleef decennialang onaangetast. De landbouw was niet alleen een belangrijke economische pijler, maar ook een hoeksteen van de Nederlandse samenleving.

De eerste verschuiving kwam in 1989 onder premier Ruud Lubbers, toen ‘openluchtrecreatie en natuurbescherming’ aan de portefeuille werd toegevoegd. Voor het eerst kreeg natuur een nadrukkelijke plek binnen het ministerie. Hoewel dit een logische aanvulling leek, markeerde het ook het begin van een afkalving van de focus op voedselproductie en innovatie in de landbouw.

Onder premier Mark Rutte ging het verder bergafwaarts. In 2010 werd LNV opgeheven en ging het op in het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I). Dit betekende een effectieve marginalisering van landbouw in het politieke debat. Pas in 2017, met het kabinet Rutte III, werd LNV heropgericht, maar de schade was al aangericht. Zoals Soetman treffend opmerkt: “Je kunt niet ongestraft de deuren vier jaar sluiten en verwachten dat je bij heropstarten nog steeds dezelfde waren produceert.”

Een ministerie zonder landbouwkennis

Wat ooit een bastion van landbouwexpertise was, is nu volgens Soetman een ministerie waar anti-landbouwsentimenten de boventoon voeren. Het huidige organogram schreeuwt om kennis van zaken; er zijn maar weinig ambtenaren met een achtergrond in de landbouw. Bovendien legt het ministerie in haar beleid steeds meer nadruk op ‘natuur’ en ‘transitie’, terwijl voedselvoorziening en innovatie naar de achtergrond zijn verdwenen.

Een treffend voorbeeld is het recente witboek van LNV, waarin de beleidsambtenaren hun visie op de toekomst van landbouw uiteenzetten. Hierin staan termen als circulaire landbouw, natuurbeheer, en true pricing centraal. Voedsel komt slechts sporadisch aan bod. Volgens Soetman is dit een teken van hoe ver het ministerie verwijderd is geraakt van haar oorspronkelijke missie: het waarborgen van een duurzame en innovatieve voedselvoorziening.

Waar ging het mis?

Een van de grootste structurele problemen is het gebrek aan sturing. Vroeger waren er de Productschappen, waarin boeren, beleidsmakers en onderzoekers samenwerkten om de sector vooruit te helpen. Deze zijn inmiddels opgeheven, en daarmee verdween een belangrijk instrument om innovatie en samenwerking in de sector te bevorderen.

Daarnaast is het ministerie te veel afhankelijk geworden van abstracte termen als ‘transitie’. Volgens Soetman ontbreekt een realistische strategie die rekening houdt met de praktijk van boeren en voedselproducenten. Ideeën zoals 3D-printing, voedselvervangers en grootschalige fermentatie klinken misschien interessant, maar missen een concrete basis en praktische haalbaarheid.

Een kansrijke toekomst vraagt om regie

Wat kan er gedaan worden om het tij te keren? Soetman pleit voor een fundamentele herstructurering van LNV. Dit betekent niet alleen het aantrekken van kundige mensen met agrarische expertise, maar ook het herzien van beleidsdoelen.

  1. Herstel van agrarische kennis: Het ministerie moet opnieuw een plek worden waar agrarische kennis en innovatie de basis vormen voor beleid.
  2. Focus op voedselproductie: Voedsel moet weer centraal komen te staan in het beleid. Natuur en duurzaamheid zijn belangrijk, maar mogen niet ten koste gaan van voedselzekerheid en economische innovatie.
  3. Sturing en samenwerking: Herintroductie van een moderne variant van de Productschappen of vergelijkbare platforms waar boeren, beleidsmakers en onderzoekers samenwerken.

Hoe verder?

Het ministerie van LNV is door politieke keuzes en gebrek aan visie afgedwaald van haar oorspronkelijke missie. Wat ooit een sterke pijler van de Nederlandse economie en voedselzekerheid was, is nu een ministerie zonder duidelijke regie en met weinig binding met de praktijk. Soetman roept op tot een reset: een terugkeer naar kennis, sturing, en een realistische kijk op de toekomst van landbouw en voedselproductie in Nederland. Alleen dan kan LNV haar rol als drijvende kracht achter de agrarische sector herwinnen en bijdragen aan een duurzame toekomst.

Geef een reactie