Dyslexie (aka woordblindheid) een privé stukje van een beta die denkt in beelden en niet in lijnen.

Volgens mij ben ik het prototype van een beta. Wiskundig ingesteld, logisch nadenken en denken in verbanden. Al tijdens mijn middelbare school -en zeker ook later op de universiteit- was ik goed in wis en natuurkunde. Ik snapte de materie vrijwel meteen, en dat heeft weer als voordeel dat je weinig hoeft te blokken. Maar met talen en schrijven daar heb ik altijd al moeite mee gehad. Lezen gaat overigens best goed, op 10-jarige leeftijd begon ik Ludlum boeken van mijn vader te lezen, en deze waren zo spannend, dat ik veel ‘ervaring’ in lezen heb opgedaan. Al in het begin van mijn middelbare schooltijd is geconstateerd dat ik leed aan woordblindheid (dat heette toen nog zo, nu moet je netjes dyslexie zeggen, net zoals het om interieurverzorgsters gaat en niet om schoonmakers). Ik heb vooral geen gevoel voor t’s en d’s en voor lange ei’s en korte ij’s. Vanwege deze diagnose kreeg ik extra tijd tijdens mijn eindexamens; al was ik te koppig om hier in de praktijk van gebruik te willen maken. Ik ben niet gehandicapt of zo. Door mijn woordblindheid ben ik eigenlijk niet helemaal een typische beta.

Mijn moeder stuurde me gedurende de middelbare school daarom naar bijles waar ik gedwongen werd allerlei rijtjes te leren. Of het geholpen heeft weet ik niet, maar leuk was anders. Wel ben ik zo gedrilled dat ik verstandelijk weet (via ezelsbruggetjes e.d.) wanneer ik een t of een d moet gebruiken. Maar van nature kan ik geen tekst foutloos schrijven. Ook is mijn grammaticale zinsopbouw ‘bijzonder’ te noemen zegt mijn omgeving. Nu heb ik lang het schrijven van stukjes daarom gewoon ontweken. Rapporten schrijven, bah, offertes schrijven bah, boekverslagen bah. Via smoesjes ontweek ik dit soort klusjes, of ik zorgde ervoor dat ik kon ‘samenwerken’. of ‘uitbesteden’. Nu heb ik werk waarbij ik regelmatig toch de pen moet pakken en lang geleden heb ik me over mijn schroom heen gezet en ben ik gewoon gaan DOEN. Jaren geleden ben ik dit blog gestart met drie doelen (a) mezelf verplichten regelmatig stukjes te schrijven (oefenen dus), (b) aan kenninsmanagement te doen (verhalen te delen), en (c) een stukje reclame te maken. Ook hou ik vreselijk veel van ‘het intellectuele debat’ en ‘kennisuitwisseling’, en laat dat heden ten dagen vooral online verlopen. Welke keus heb ik dan behalve meedoen! En dat doe ik dan ook met veel plezier op o.a. Foodlog.nl en CoT / Linkedin. **

Mijn schaamte ben ik inmiddels wel voorbij en ik weet dat mijn hersenen op andere manieren informatie verwerken en dat ik daardoor op bepaalde vlakken zelfs anders denk. Mijn hersenen zijn gewoon net even anders. Kortom, van een zwakte een sterkte maken dat is me denk ik wel een beetje gelukt. De laatste tijd lees ik allerlei leuke stukken over dyslexie. Hieronder staat een stukje wat ik las op breinlogs. Het is heel herkenbaar. Ook ik denk ik beelden, structuren en verbanden. Ik heb daarom wel meet tijd en woorden nodig om iets ‘uit te leggen’. Mijn manier is om eerst een versimpeld zwart-wit beeld te schetsen en dan de nuances in te vullen. Mijn sterkte is dat ik hierdoor van grote lijnen, complexe problemen en lange tijdschalen kan inzoomen naar details en korte termijn (en weer terug). Ik heb recent ergens gelezen dat er onder de groep van ondernemers onevenredig veel mensen met dyslexie voorkomen (zie economist : geeks, autism and entrepreneurs). Dit type ondernemers zijn vaak ‘verhalenverteller’s’ en hierbij gebruiken ze schema’s en plaatjes en weinig tekst. Ik zit ook zo in elkaar.

Beste klant **, collega en partner. Ik ben niet gek; maar mijn hersenen hebben wel een kleine afwijking. Beste lezer van dit blog. Ik blijf schrijven en vergeef me mijn taalfouten. Mijn kracht ligt gewoon op andere vlakken. Kijk over de verkeerde d’s en t’s heen en probeer mijn onderliggende boodschappen te vatten.

** waar ik wel werkelijk mee worstel: ik moet ontspannen zijn om te kunnen schrijven. Als ik iets ‘moet’ dan blokkeren mijn hersenen. Ik weet dan helemaal wat te doen, maar krijg het toch niet voor elkaar om ook maar een letter op papier te zetten.

Lees ook onderstaand stukje:

Hoe werkt een dyslectisch brein? 

Mensen met dyslexie verwerken informatie in hun hersenen anders dan mensen zonder dyslexie. Ze denken anders. Die visie vindt in Nederland nog niet zoveel aanhangers onder dyslexiedeskundigen, maar in bijvoorbeeld de Verenigde Staten heeft Dr. Sally Shaywitz daadwerkelijk aangetoond dat dyslectici op een andere manier informatie verwerken. In ons werk met dyslectici merken wij dat het werken vanuit deze visie snelle en goede resultaten oplevert. 

Goede lezers
Via functionele MRI-scans heeft Shaywitz aangetoond dat mensen doorgaans voor het lezen en schrijven drie gebieden in het linkerdeel van de hersenen gebruiken. Deze gebieden staan in directe wederzijdse verbinding met elkaar en zijn elk voor een deel van de taalverwerking verantwoordelijk. Vooraan, in het Centrum van Broca, vindt o.a. de analyse van woorden plaats, maar ook de articulatie en het spreken. Achterin, in het Centrum van Wernicke en het Woordvormgebied, komt alle informatie samen en wordt o.a. opgeslagen hoe een woord eruitziet, hoe het klinkt en wat het betekent. Figuur A. geeft een indruk van welke gebieden in de linkerhersenhelft dit zijn. Deze gebieden worden onder het lezen en informatie verwerken dan ook geactiveerd. 

Dyslectische lezers 
Voor dyslectici geldt dit niet. Shaywitz toonde aan dat de verbindingen tussen deze 3 gebieden in de linkerhersenhelft bij dyslectici niet werken; zelfs niet bij dyslectische kinderen van vier jaar. Alleen het Centrum van Broca, waar de woordanalyse en spraak is gelokaliseerd, wordt geactiveerd. Het Centrum van Wernicke en het woordvormgebied vertonen geen enkele activiteit. Bij dyslectici ontstaat vanuit en naar het Centrum van Broca een alternatieve route in de hersenen voor het opslaan en terugvinden van de betekenis van woorden die via de rechterhersenhelft loopt. Zie Figuur B. 

Wat doen de beide hersenhelften?
Van de rechterhersenhelft is bekend dat deze verantwoordelijk is voor o.a. onze verbeelding, de intuïtie, het onderbewustzijn, onze creativiteit, het leggen van verbanden, het meerdere dingen tegelijk kunnen doen en het snel kunnen scannen en verwerken. Dat zijn hele andere eigenschappen dan die eigenschappen waarvoor de linkerhersenhelft verantwoordelijk is, nl. het logische redeneren, het helder bewustzijn, systematiek en het scheiden van informatie.  

Gevolgen voor het dyslectische denken
Een niet-dyslecticus heeft dus direct toegang tot de vorm, betekenis en uitspraak van woorden. De dyslecticus heeft dat niet en moet daar via zijn rechterhersenhelft achterkomen, dus via het maken van beelden, het leggen van verbanden en structuren, het hebben van allerlei associaties. Dit toont ook de voorliefde van dyslectici voor het uitgebreid redeneren, het denken in beelden, het leggen van verbanden, het probleemoplossende en kritische denken. Omdat er in korte tijd zoveel (bijkomende) informatie wordt verwerkt, hebben dyslectici in het algemeen vaak moeite om in een paar zinnen te vertellen wat zij bijv. hebben gelezen. 

Lijndenkers en Beelddenkers
Wij onderscheiden als gevolg van deze ontdekking “beelddenkers” en “lijndenkers”. De meeste mensen zijn lijndenkers: ze denken van begin naar einde, van oorzaak naar gevolg, van hoofdletters naar punten. Dyslectici niet. Zij denken in beelden en ideeën, hebben een totaalplaatje van het geheel, hebben veel associaties en zien ook daar de verbanden tussen. Als zij dat wat zij denken in woorden moeten vatten, hebben zij meer tijd nodig om te kiezen wat ze gaan vertellen en hun beelden te vertalen in woorden. Ze neigen er naar te beginnen met de kern of conclusie van het verhaal en dat geeft nogal eens verwarring bij de lijndenkers die dan het kader of de inleiding missen. Overigens is het niet het één of het ander: er zijn ook veel niet-dyslectici die in beelden denken. Vrouwen denken over het algemeen ook meer in beelden. Zij hebben veelal echter geleerd om hun denken in een lijn neer te zetten. Bij hen werken die verbindingen in de linkerhersenhelft wel. Bij dyslectici niet. 

De uitdaging
Het lijndenken is de norm in onze maatschappij. Het hele onderwijs is erop gestoeld. Het beelddenken wordt als lastig ervaren en vaak niet begrepen. Dit terwijl het beelddenken grote denkers, kunstenaars en uitvinders heeft voortgebracht. Denk aan Albert Einstein, Isaac Newton en Leonardo da Vinci. Tussen beide manieren van denken bestaat echter nog steeds een kloof. De uitdaging is om een zodanige communicatie tussen dyslectici en niet-dyslectici tot stand te brengen, dat ze elkaar begrijpen en verrijken.

Een gedachte over “Dyslexie (aka woordblindheid) een privé stukje van een beta die denkt in beelden en niet in lijnen.

  1. Tja zo werkt het in deze maatschappij. Als je maar een diagnose hebt, dan ben je zelf niet meer verantwoordelijk. Gelukkig dachten je ouders daar anders over en investeerden ze geld om je wel te leren wat je best kunt, maar waar je te lui voor bent (omdat het je zoals veel mensen wat moeite kost). Wat zouden zij teleurgesteld zijn als dit stukje zouden lezen en zagen dat jij het heel normaal vindt om taalfouten te maken. Dat is gewoon een minachting van je lezers en zeker dus niet iets waarop je trots kunt zijn. En een stuk vol met taalfouten is nooit reclame, maar een uiting van hoe onbelangrijk je klant vindt. Je kunt nog heel van je ouders leren!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s